21 oktober 2026 - 4 min leestijd
Febelfin heeft beslist een beroep tot vernietiging in te stellen bij het Grondwettelijk Hof met betrekking tot de meerwaardebelasting. Dit beroep stelt voor alle duidelijkheid niet de politieke keuze om de belasting in te voeren ter discussie. Het doel van het beroep is vooral om ervoor te zorgen dat de belastingplichtigen beschikken over een duidelijk, voorspelbaar en in de praktijk toepasbaar kader.
Febelfin is zich ervan bewust dat een nieuwe fiscale maatregel van deze omvang noodzakelijkerwijs het resultaat is van politieke keuzes en compromissen. Een nieuwe belasting en fiscaal kader moet echter voldoende rechtszekerheid bieden, zodat iedereen zijn verplichtingen kan begrijpen en naleven en op gelijke wijze wordt behandeld. In de huidige vorm van de wet kunnen bepaalde bepalingen leiden tot bijzonder complexe situaties, die zelfs onmogelijk correct toe te passen zijn. Daarom acht Febelfin het noodzakelijk dat het Grondwettelijk Hof bepaalde aspecten van de regeling kan onderzoeken.
De moeilijkheden doen zich voor in heel gewone vermogensrechtelijke levenssituaties, zoals bij een nalatenschap, een schenking, of het gezamenlijk aanhouden van een effectenportefeuille (bvb. bij een huwelijk). Het gaat hier vooral om situaties waarmee veel gezinnen in het dagelijks leven te maken krijgen en niet louter over complexe situaties of grote vermogens.
In bepaalde gevallen veronderstelt de toepassing van de nieuwe regels dat historische aanschaffingswaarden worden gereconstrueerd, fracties van effecten worden opgevolgd of verschillende aanschaffingswaarden aan eenzelfde positie worden toegekend, wat niet kan. Deze complexiteit creëert onzekerheid voor de belastingplichtige en kan in het bijzonder bij bepaalde gewone familiale situaties, zoals een erfenis of een schenking, het bijzonder moeilijk maken om de belasting correct toe te passen. Ook voor de banken, die de belasting moeten inhouden en doorstorten, brengt dit belangrijke praktische problemen met zich mee.
Het is precies in het belang van de belastingplichtigen dat Febelfin meer rechtszekerheid wenst te verkrijgen. Iedereen moet de fiscale gevolgen van een verrichting kunnen begrijpen om een correcte aangifte te kunnen doen en de garantie hebben dat vergelijkbare situaties op een coherente en voorzienbare wijze worden behandeld.
De banksector kreeg de opdracht om deze belasting uit te voeren in moeilijke omstandigheden. Hoewel de belasting sinds 1 januari 2026 van toepassing is, werd het definitieve wettelijke kader pas in het voorjaar bekendgemaakt en moeten verschillende elementen nog steeds (administratief) worden verduidelijkt. Door de opeenvolging van vertragingen en de vele wijzigingen tijdens het wetgevingsproces kregen zowel de financiële instellingen als belastingplichtigen weinig tijd om zich degelijk voor te bereiden. Tegelijkertijd krijgen de banken belangrijke verantwoordelijkheden toegewezen, in het bijzonder de berekening, inning en doorstorting van de belasting alsook de rapportering aan de fiscale administratie in het kader van de opt-outregeling. Daarom vraagt de sector dat wordt onderzocht of de wijze van invoering van de wet grondwettelijk is en of de beginselen van gelijkheid, non-discriminatie, rechtszekerheid en gewettigd vertrouwen worden gerespecteerd.
De banken blijven zich inzetten om hun opdracht correct uit te voeren, in het belang van hun klanten en met respect voor de wettelijke regels.
Met dit beroep wil Febelfin bijdragen tot een rechtszeker en toepasbaar kader voor zowel de belastingplichtigen als de instellingen die de belasting moeten uitvoeren. Het doel is rechtsonzekerheid, uiteenlopende behandelingen en toekomstige geschillen helpen voorkomen.
De sector blijft in constructief overleg met de autoriteiten en zal de klanten verder blijven begeleiden bij de toepassing van de nieuwe wetgeving.